Coronaprotocollen in de supermarkt: “We waren een soort opvangcentrum voor ondernemers”

Supermarkten werden als een van de eerste branches getroffen door de gevolgen van het coronavirus. We herinneren ons allemaal nog wel de enorme run op wc-papier. Inmiddels is een mondkapje in de winkel de normaalste zaak van de wereld. Roland de Laak van Jumbo de Laak vertelt zijn verhaal.

 

Net als vele andere Nederlanders zag Roland niet direct de ernst van de situatie in. “We hadden eerst een vage periode waarin we geen handjes mochten schudden, maar iedereen er wat laks mee om ging. Toen was er toch ineens paniek.”

De winkel van Roland staat in Uden, een van de eerste corona-brandhaarden van het land. “Je hoorde overal andere meningen en nieuwsberichten, het ene protocol was nog niet verzonnen of er was alweer een nieuwe. We zetten als eerste het koffiezetapparaat uit en borgen de stoeltjes op. Eerst moest de sinaasappelpers uit, maar daarna kon hij toch weer aan.

Grote tekorten in de winkel

Toen in maart 2020 de eerste lockdown kwam, sloeg ook de paniek toe bij de consument. “De supermarkt werd helemaal leeggehaald, maar niet meer aangevuld. Fabrikanten en toeleveranciers zaten namelijk ook met zieke mensen”, vertelt Roland. “Wij hadden heel veel omzet, maar dat is natuurlijk niet zaligmakend. Er waren meters aan schappen leeg.”

“Uiteindelijk belde ik voor het wc-papier iemand die normaal aan de horeca levert, maar die had ook niets meer liggen. Hij wilde me wel helpen, er kwam namelijk een vrachtwagen uit Italië aan vol met wc-papier. Die reed meteen langs mijn zaak. Toen hij aankwam, bleek ik er helaas niets aan te hebben. Het waren gewoon vier rollen in plastic, zonder merk of streepjescode. Daar zit ik nu nog mee”, lacht Roland.

De supermarkt als middelpunt in de samenleving

Omdat veel zaken dicht moesten, werd de supermarkt niet alleen een plek om je boodschappen te doen, maar een soort uitje. Roland verteld: “Sinds maart zijn wij het enige middelpunt voor een gezin, het is echt een uitlaatklep geworden.”

Toen de horeca dicht moest, belde de eigenaar van de plaatselijke Van der Valk met de vraag of ik extra mensen nodig had. Toen had ik ineens vier extra kassières van hem achter mijn kassa’s.”

“Het leek er ook even op dat de visboer en de slager dicht zouden moeten, voor hen had ik koelingen aangewezen om in nood te kunnen doorwerken in mijn zaak. Zo verkocht ik ook brownies, luxe bonbons en gevacumeerde spareribs van andere winkeliers. Ik was een soort opvangcentrum voor ondernemers, ik wil iedereen helpen.”

Protocollen in de winkel

Het opstellen van een protocol voor de winkel hoefde Roland gelukkig niet helemaal zelf te doen. “Er kwam een protocol vanuit de Jumbo en van de levensmiddelen-brancheorganisatie. Daar maken we zelf een gezonde mix van. Gelukkig zijn de protocollen nu stabiel, dat was in maart wel anders.”

Als het gaat om corona-maatregelen, doet Roland niet aan half werk. “Ik ben 1000 euro per week kwijt aan extra hygiënemaatregelen. Denk aan ontsmettingspompjes, doekjes, pijlen op de grond, mondkapjes, hesjes, een reinigingsapparaat voor winkelwagens en een bureau voor de deur om ervoor te zorgen dat er niet meer dan het maximum aantal klanten binnen is.”

Medewerkers zijn geen politieagenten

Roland is heel blij met zijn hard werkende personeel. “Mijn mensen hebben heel veel moeten werken, zonder ergens naartoe te kunnen op vakantie. Zij horen alle klachten en problematiek van klanten aan in de winkel. Ook kunnen voor hen geen 1,5 meter afstand van klanten garanderen.”

Helaas hebben medewerkers soms ook last van agressieve klanten. Roland vertelt: “Klanten worden soms chagrijnig en houden niet altijd genoeg afstand van elkaar. Ze verwachten dan dat mijn medewerkers ze daarop gaan aanspreken, maar we zijn geen politieagenten. Het is echt eigen verantwoordelijkheid. Ik merk wel dat mensen dat in de tweede golf moeilijker vinden dan in de eerste.”

“We hebben ook veel uitval, veel medewerkers moeten in quarantaine. Hierdoor hebben we geen mensen meer over om aan de deur te staan, daar huren we nu een bureau voor in.”

Een lastige tijd

Deze pittige periode laat Roland ook niet onbewogen. “Ik realiseer me dat wij tenminste omzet hebben, maar ik vind het zelf ook wel heftig. Je bent nooit uitgewerkt. De hectiek zoals in maart is nu gelukkig wel over, maar mijn mensen hebben het nog steeds zwaar.”

Roland maakt zich minder zorgen over de kerstperiode. “Mijn onderbuikgevoel zegt dat het niet zo heftig wordt. Veel mensen hebben de afgelopen periode in de keuken gestaan om nieuwe dingen te proberen, dus ik denk dat ze daar in december wel klaar mee zijn.”